Willem Hoogerdijk, Mr. Smid in de 

De Kempenaerstraat

Oegstgeest

 

 

 

Lenie den Haan schreef: de hete luchtinstallatie die jouw grootvader ontworpen heeft was voor de tijd bijzonder vooruitstrevend en beslist uniek. Mijn ouders (en ik) woonden toen in de melkzaak – Kempenaerstraat / hoek Terweeweg- daar mijn grootvader overleden was en de erfgenamen de melkzaak draaiende hielden tot een koper gevonden werd. (werd Arris Zwanenburg) Ik heb de spanning of het ontwerp zou werken zoals de heren het voorgesteld hadden, bewust meegemaakt.

Glorie was groot toen het werkte en zoals je ziet, beide heren staan er in zondagse pak naast.

 

   

Hier wordt het paard van melkboer Maat van nieuwe

hoefijzers voorzien door zoon Teunis Hoogerdijk,vader Willem kijkt vanuit de smederij toe of het wel goed gaat.

Uit het familiealbum: v.l.n.r. Neeltje, Teunis en Vader Willem Hoogerdijk

 

De foto is een scan van een asbak die Hoogerdijk voor zijn vaste klanten had laten maken.De Kempenaerstraat 47,

het woonhuis en werkplaats van de dorpssmid Willem Hoogerdijk, tot aan zijn overlijden in 1959 heeft hij hier gewerkt.

De woonhuizen Kempenaerstraat 47 en 49 zijn nu een woonhuis

 

 

Vader Willem,een dagje strand met

dochter Barbara

 

 

 

De smid  W.HOOGERDIJK wordt 80 jaar op10 maart 1958. Caroline Arps schrijft hierover in haar boek OEGSTGEEST DE JAREN VIJFTIG het volgende. Dat De Kempenaerstraat  een hechte buurt is, wordt duidelijk wanneer de smid,de heer W.Hoogerdijk ,zijn tachtigste verjaardag viert. Bij vrijwel elk huis in deze straat hangt de vlag uit en heel veel mensen komen de bejaarde smid feliciteren. Uit vele plaatsen in Nederland ontvangt hij post en van familie en bezoekers krijgt hij cadeautjes, waaronder zelfs een konijn. De jarige wil  natuurlijk laten zien dat hij nog kwiek is en doet dat door te demonstreren hoe een paard moet worden beslagen.

 

 

Willem Hoogerdijk, GROF-HOEF EN KACHELSMID in Oegstgeest.
Ter gelegenheid van zijn 80e verjaardag (hij was nog steeds werkzaam in zijn eigen bedrijf)
verscheen het volgende gedicht in het VAKBLAD VOOR SMEDEN.

ONZE DORPSSMID

STOER OP ZIJN FIETS, RIJDT HOOGERDIJK
DOOR HEEL OEGSTGEEST,ZIJN KONINKRIJK.
EEN KLANT DIE HEM DAN SOMS ONTMOET
WUIFT MET ZIJN HAND EN MAANT TOT SPOED
MAAR HOOGERDIJK,DIE HEM WEL HOORT
TRAPT OP ZIJN FIETS GLIMLACHEND VOORT.
MET ZIJN WERK IS HIJ ZEER SNEL,
OPSCHIETEN DAT VERSTAAT HIJ WEL
HET IJZER KNIPT HIJ MET STERKE SCHAAR,
DE PIJPEN HEEFT HIJ ALTIJD KLAAR!
TERWIJL HIJ KNARPT IN HET STUG METAAL,
VERTELT HIJ OOK NOG EEN VERHAAL.
ZIJN KLANTEN LAAT HIJ WEL EENS WACHTEN,
MAAR HOUDT ZE TOCH WEL IN GEDACHTEN.
EN PLOTS STAAT DAN DE OUDE REUS
OP HET ONVERWACHTS,VOOR IEMANDS NEUS.
DE KOU WIJKT VOOR ZIJN BLAUWE KIEL,
JE BENT HEM DANKBAAR IN DE ZIEL.

 

 

De tachtigjarige met zijn jongste broer Adriaan en schoonzus Maria

Willem Hoogerdijk en zijn vrouw Neeltje Annaars

In Dagblad Het Vaderland

De Oegstgeester Courant schreef in 1982:

De familiereünie was een groot succes

Ga naar de volgende pagina, het testament van Willem Hoogerdijk