Tragedie op de Openbare Lagere School in Oegstgeest

27 juni 1945

 

Gehele tekst overgenomen uit het boek„Oegstgeest in bange dagen“ door Riet van Dort en Bert Driessen met toestemming van de auteur.

 

Heldendood Pieter van Manen

Als overgang van wijding [herdenkingen op Maandag en Dinsdag] naar feestvreugde is woensdag 27 juni uitgeroepen als een werkdag, waarop de burgerij ijverig versieringen aanbrengt en de winkeliers achter gesloten etalages koortsachtig werken.

 's Avonds om acht uur zai 'Werkmans Wilskracht' een taptoe uitvoeren op het schoolplein van de Terweeschool, die de Oegstgeester BS aanbiedt aan de burgerij. Na afloop zal een feestmars door het dorp worden gehouden.

Die ochtend, om ongeveer half twaalf, bevindt zich een 20-tal BS'ers in het middelste lokaal van het door de BS [Binnenlandse Strijdkrachten] in gebruikgenomen deel van de school.

Groepsleider Pieter van Manen zal de werking van een handgranaat demonstreren. De instructie is voornamelijk bedoeld voor jonge mannen die worden 'klaargestoomd' om naar Nederlands-Indie te gaan, dat nog niet bevrijd is. Van Manen werd vanwege zijn verdiensten uitverkoren om officier te worden in het nieuw te vormen Nederlandse leger, en volgde in verband hiermee een cursus; hij zal een deel van zijn pas verworven kennis uitdragen aan anderen. Voordat de instructie begint toont Van Manen de mannen enkele kistjes met handgranaten. Hij legt uit dat handgranaten altijd - om ongelukken te voorkomen - zonder ontsteking worden geleverd, en dat de ontstekingen (apart verpakt in een busje) zich ook in het kistje bevinden. "Je moet controleren of het aantal handgranaten in overeenstemming is met het aantal ontstekingen in het busje", zegt Van Manen. Als bewijs draait hij de sluiting van het ontstekingsvakje van een van de handgranaten af en laat zien dat zich daarin geen ontsteking bevindt. In het busje bevinden zich ook hetzelfde aantal ontstekingen als er hand­granaten in het kistje zijn. "Alles is dus in orde", concludeert Van Manen. Hij neemt een granaat ter hand, en dan blijkt dat zich daarin wel degelijk een ontsteking bevindt; een sissend geluid is hoorbaar. Men heeft dan nog slechts enkele seconden om de granaat weg te werpen. Maar waarheen? Van Manen roept de mannen toe onmiddellijk dekking te zoeken. Hij rent naar het raam om het projectiel naar buiten te werpen. Maar op het schoolplein is de BS'er Piet Kuivenhoven met zijn groep aan het exerceren.… . Van Manen rent naar de hoek van het lokaal en draait zich met de rug naar de klas; hij buigt zich voorover om de scherven op te vangen. De ontploffing volgt. De 23-jarige Piet van Manen sterft de heldendood. De ontsteltenis in het leslokaal is niet te beschrijven, evenmin als de heldenmoed, door Van Manen aan de dag gelegd. Van de mannen, die zich in het leslokaal bevonden, is Theo Fles ernstig gewond geraakt aan longen en ruggemerg. Tot de gewonden behoren tevens de Oegstgeestenaren Boudewijn ten Hake en Herman van Oordt, en de Leidenaren Co Leenhouts, Joost van den Hoven, Willem Jung, Johannes Stavleu en Willem Vletter.

De doktoren Hoitink (arts van de BS) en Varekamp zijn spoedig aanwezig. Herman Ginjaar en Piet van der Plas krijgen tot taak de stoffelijke resten van Piet van Manen op te baren. Terwijl zij daarmee bezig zijn heeft het eerste onderzoek naar de toedracht van het ongeluk reeds een aanvang genomen. Het blijkt dat de rampzalige handgranaat de enige was, waarin zich wèl een ontsteking bevond! De gewonden worden overgebracht naar het noodhospitaal aan het Wilhelminapark en later naar het Academisch Ziekenhuis. Theo Fles zal daar langdurig verpleegd worden, en later in de Ursula Kliniek in Wassenaar. Hij is door het ongeval voor de rest van zijn leven - hij overlijdt in 1958 - invalide.

Van de school wordt de versiering verwijderd en de vlag halfstok gehesen.

Er zal geen taptoe zijn.

Begrafenis Pieter van Manen

Een grote menigte is op maandag 2 juli aanwezig op het kerkhof bij het Groene Kerkje, waar de op tragische wijze omgekomen Pieter van Manen wordt begraven. De rouwkoets, bedolven onder de bloemen, is vertrokken vanaf het schoolplein bij de Terweeschool, waar de Oegstgeester Binnenlandse Strijdkrachten zich keurig in het gelid hadden opgesteld. Voor, achter en bezijden de koets lopen BS'ers, om hun kameraad - aan wie menigeen zijn leven heeft te danken - te begeleiden naar zijn laatste rustplaats. Op het kerkhof zijn ook vertegenwoordigers aanwezig van de BS uit Leiden en Warmond.

In het Groene Kerkje wordt de kist, bedekt met de Nederlandse driekleur, op een katafalk geplaatst. De nederlands-hervormde predikant ds. Kelder uit Leiden houdt een korte rouwdienst. Hierna dragen vier BS-vrienden Piet van Manen naar zijn graf. Als de kist in de groeve wordt neergelaten lost de erewacht drie salvo's. De BS'er Chris Goedkoop blaast 'The Last Post'. Een lange stoet belangstel-lenden trekt langs het graf van de jongeman, die zich opofferde om anderen te redden.

Tot in lengte van dagen zullen zijn makkers ieder jaar op de 4e mei het graf van hun vriend blijven bezoeken, evenals dat van Theo Fles, die in 1958 begraven werd op het kerkhof van de St. Willibrordusparochie.

Begrafenis Pieter van Manen.De BS'ers staan op het

schoolplein.De vlag halfstok.Voor de ingang van de

school staat de rouwstoet

 

De rouwkoets vertrekt vanaf het schoolplein naar de

begraafplaats van het Groene Kerkje

 

Uit: Jan Wolkers, Zwarte Bevrijding (Uitgave tgv de Boekenweek 1995)

(Naar aanleiding van het gebeuren in de openbare lagere school aan de Terweeweg kort na de bevrijding)

 

Ook al blijken velen van de historisch overgeleverde durfallen die men helden pleegt te noemen vaak van schrik de heldendood gestorven te zijn, zoals Piet Paaltjens in zijn voorwoord bij Snikken en Grimlachjes over Pothof beweert, toch hebben namen als Byron, Lumey en Nelson een klank van grandeur die ze op voorhand al op het voetstuk der heldenverering plaatst. Maar wat als je gewoon Pieter van Manen heet? Dan moet je wel echt een held zijn om tot die status te geraken. 

De bevrijding was nog geen twee maanden oud of het dorp (=Oegstgeest) waar ik toen woonde werd in diepe rouw gedompeld zoals men dat traditioneel noemt om de ellende een beetje overzichtelijk af te bakenen. Als een sissende lont schoot het door de lanen en straten, eerst als gerucht, toen als gruwelijke werkelijkheid. De mensen kwamen hun huizen uit en stonden op de stoep in groepjes erover te praten. Je zag dat er een doem over alles lag. De gestalte van het onheil. De Burgers van Calais van Rodin die hun noodlot moeten aanvaarden. 

Op de ochtend van de 27ste juni 1945 was Pieter van Manen, een drieentwintigjarige groepsleider van de Binnenlandse Strijdkrachten, die in het verzet een belangrijke rol had gespeeld, in een lokaal van de Openbare School voor een stuk of twintig BS’ers het gebruik van handgranaten aan het demonstreren. Hij legde allerlei technische zaken uit en zei dat de handgranaten geleverd werden met de ontstekingen apart verpakt om ongelukken te voorkomen. Maar toen hij de sluiting van het ontstekingsvakje van een van de handgranaten afdraaide klonk er een sissend geluid. Binnen een paar seconden zou het moordwapen zijn verwoestende werk doen. Van Manen schreeuwde naar de aanwezige manschappen dat ze dekking moesten zoeken. Zelf rende hij naar het raam om het projectiel naar buiten te gooien. Maar op het schoolplein was een groep BS’ers aan het exerceren. Toen rende hij naar een hoek van het lokaal en boog zich over de exploderende granaat.

De versiering aan de gevel van het schoolgebouw, die was aangebracht omdat er die avond door Werkmans Wilskracht een taptoe zou worden uitgevoerd, werd verwijderd, de vlag halfstok gehesen.

(Publicatie op deze website met mondelinge toestemming van de schrijver)                            

 

60 jaar later,27 juni 2005

Gevers-Deutz Terweeschool Oegstgeest

Onthulling gedenksteen voor Pieter van Manen

 

 

 

De gedenksteen is bevestigd aan de muur bij de hoofdingang van de school