De Blauwe Tram in Oegstgeest

Uit het archief van Carel F.W.Rietveld

 Gemeentearchitect en brandweercommandant van Oegstgeest,1930 - 1946

                    

 

Hier komt de tram nog door de smalle Schoolstraat gaat de Deutzstraat in om dan zijn weg

te vervolgen door de Geversstraat richting Leiden.Dit is een van de laatste keren dat de tram deze route neemt.

Links bij het verkeersbord de gemeentearchitect Rietveld die nog even polshoogte komt nemen voordat

de omleiding van de trambaan een feit is

 

Hier wordt met man en macht gewerkt

om de nieuwe route die rechtstreeks de Geversstraat in loopt op tijd klaar te krijgen

 

 

 

De nieuwe trambaan in gebruik

 

Ook de bezorger van de slager of kruidenier komt een kijkje nemen

 

De tram in en rond  de Geversstraat

   

 

   
 

 
 

 

 

 

 

Deze Budapester is na de oorlog in Oegstgeest in gebruik geweest als noodwoning

Feiten over de trams in Leiden  

Het blauwe stadstrammetje heeft als voorloper twee paardentramlijnen die in 1879 werden geopend. Beide lijnen liepen vanaf het Station en volgden daarna de Steenstraat en de Blauwpoortsbrug. Daarna volgende de ene lijn de Breestraat en Hogewoerd om bij het Plantage te eindigen. De tweede lijn ging over de Haarlemmerstraat en eindigde bij de Haven. Deze laatste werd al in 1883 opgeheven. In 1886 werd de overgebleven lijn verkocht aan de Rotterdamse Tramweg Maatschappij. In 1909 werd de lijn eigendom van de NZH, maar bleef tot de elektrificatie in 1911 in handen van de RTM. Het werd toen een dubbelsporige lijn en verlengd tot bij de brug over over het Rijn- Schiekanaal op de Hoge Rijndijk. Na het openen van de tramlijn Leiden-Katwijk  werd de lijn aan de andere zijde doorgetrokken tot aan de Leidsche Buurt in Oegstgeest. De lijn bestond uit 6 motorwagens, in 1912 kwamen er nog 2 bij en in 1914 nogmaals 4. Op 23 september 1944 werd de lijn gestaakt wegens de oorlog en op 25 juni 1945 hervat. Na de opheffing van de lijn Leiden-Haarlem in 1949 werd het Oegstgeester eindpunt verlegd van de Leidsche Buurt naar de Kerkbuurt. Het blauwe trammetje reed op 7 oktober 1960 voor de allerlaatste maal.

De stoomtramlijn van Leiden naar Haarlem werd in 1881 geopend. Aanvankelijk deden zich veel ontsporingen voor wegens de toepassing van te lichte rails. Die werden vervangen. In 1932 werd de lijn geŽlektrificeerd en op 31 december van dat jaar officieel geopend. De burg over het Oegstgeesterkanaal bij het Groene Kerkje werd op 10 oktober 1944 door bombardementen verwoest. Na de oorlog moesten tramreizigers worden overgezet per schuit om de rit te kunnen vervolgen. Op 17 januari 1946 was de nieuwe brug klaar. Begin 1949 werd de tramlijn naar Haarlem via Lisse en Hillegom, daarom ook wel de Bollenlijn genoemd, opgeheven. De trambaan moest na opheffing een halfjaar blijven liggen in opdracht van het ministerie van Verkeer en Waterstaat omdat eerst bekeken moest worden of de busverbinding voldeed.  

Met de tramlijnen Leiden-Voorschoten-Den Haag (NZH) en de HTM-lijn Leiden-Wassenaar-Den Haag gebeurde dat in 1961. Een jaar eerder verdwenen al de tramlijnen Leiden-Katwijk en Leiden-Noordwijk, die via Rijnsburg liepen.

Op alle trajecten werden buslijnen van de NZH ingezet. In Leiden bleven tot 1963 de blauwe stadsbuslijnen van Eltax rijden.

Begin jaren 50 werd een start gemaakt met het omhoog brengen van de spoorlijn en de bouw van een nieuw Leids station. Op 27 mei 1955 opende minister van Verkeer en Waterstaat Algera als trambestuurder het nieuwe viaduct op het Stationsplein met de onderdoorgang voor de trams richting Oegstgeest.               

De stadstram in Leiden

Het vijftigjarig bestaan van de NZH

Bij het station Leiden

De stadstram op weg naar Oegstgeest in de  Breestraat te Leiden